Fotopakketjes. Over Stephen Gill

 

‘Postbode.’ Het antwoord komt zonder aarzeling. Was Stephen Gill (41) geen fotograaf geworden, dan had hij de straten van Hackney, Oost-Londen, verkend met een tas vol brieven op zijn rug – daar is geen twijfel over mogelijk. ‘Ik zie een boel overeenkomsten tussen die twee beroepen’, zegt hij. Zijn ogen achter het dikke brilmontuur vertonen geen spoor van ironie. ‘Vroeg opstaan, zware tassen dragen, werken binnen een afgebakend gebied. Nou, en ik ben een ochtendmens. Ik houd van lopen, ik vind het leuk om mensen te ontmoeten. Bovendien ben ik verslaafd aan de post.’

 

 

Stephen Gill. Foto © Stephen Gill

Stephen Gill. Foto © Stephen Gill

 

 

De ‘Royal Mail’, zegt Gill natuurlijk, verwijzend naar het voormalige staatspostbedrijf van Groot-Brittannië. De fotograaf is zo Brits als maar kan. Hij is aardig, bescheiden, droog geestig, zelfkritisch, licht manisch en zo voorkomend, dat hij als een veer omhoog schiet wanneer hij denkt dat hij per ongeluk tegen het been van zijn gesprekspartner heeft geschopt, wat totaal niet het geval is. ‘Oh god, I’m so sorry’, klinkt het, voor de zekerheid.

Hij is een paar dagen in Amsterdam, samen met zijn vrouw en hun twee dochters, voor de opbouw en de opening van zijn grote retrospectief in Foam. Het is een overzicht van wat hij de afgelopen veertien jaar aan eigenzinnige, experimentele en – vooruit – poëtische fotoseries heeft gemaakt, met als bonus zijn nog niet eerder vertoonde project Best Before End, waaraan de tentoonstelling haar titel ontleent.

Het is veel, wat hier komt te hangen. Maar het is lang niet alles. Dat zou onmogelijk zijn; Stephen Gill maakt omvangrijke reeksen in een onnavolgbaar hoog tempo. En hij produceerde sinds 2005 al zo’n twintig fotoboeken (de boeken die hij voor anderen samenstelde niet meegeteld). Een overzicht van die boeken is ook in Foam te zien.

Niet voor niets uiteraard. Want wat Stephen Gill met de post heeft, dat heeft ie ook met fotografie: die moet ‘tactiel’ zijn, tastbaar. Stephen Gill is ‘old school’. Facebook en Twitter zijn aan hem voorbij gegaan. Hij houdt niet zo van e-mailen, liever ontvangt hij briefpapier. En elke fotoserie die hij maakt, vooral met analoge camera’s natuurlijk, drukt hij a) in haar geheel en met veel zorg af totdat hij rijen en rijen complete tentoonstellingssets heeft, en verwerkt hij b) tot een boek. Eigenhandig. Het ontwerp, de handgemaakte omslagen, het eventuele knip- en plakwerk – hij doet het allemaal zelf en zonder concessies te doen.

Sinds 2005 heeft hij zijn eigen uitgeverij: Nobody, vrij naar Homerus. ‘Iemand vroeg me destijds: “Wie gaat je boek uitgeven?”. “Niemand”, zei ik, “maar ik weet zeker dat het er komt”. En toen heb ik het maar zo gelaten.’

 

 

Hackney Wick, 2005

Hackney Wick, 2005

 

 

Dat boek was Hackney Wick, misschien wel het belangrijkste boek dat Gill heeft gemaakt. Het gaat over een tweedehandsspullenmarkt in Hackney, een levendige, multiculturele wijk ten noordoosten van het centrum van Londen. Wie Gills uiteen waaierende oeuvre wil begrijpen, moet weten dat die wijk een grote rol speelt in zijn leven.

Inmiddels woont hij er niet meer en is het gebied bijna onherkenbaar veranderd door de komst van de Olympische Spelen naar Londen, nu bijna een jaar geleden. Maar veel van zijn bekendste werk is daar ontstaan, in de straten van Hackney, die de fotograaf kent als was hij er inderdaad postbode. En het was in 2004 dat Gill, toen nog documentairefotograaf in de puurste zin van het woord, ontdekte dat hij in staat was om het gevoel van een plek, in dit geval de manier waarop hij Hackney ervoer, de gastvrijheid, de gezelligheid, de armoede maar ook de overweldigende rijkdom van de natuur – dat hij dat alles plotseling kon vertalen in zijn fotografie. Alsof hij ineens méér kon doen dan het simpelweg ‘beschrijven’ van Hackney, zoals hij gewend was.

En dat gelukzalige besef begon met een nieuwe camera, vertelt de fotograaf, onderwijl nippend van een glas koffieverkeerd dat wonderbaarlijk genoeg maar niet leeg raakt. ‘Een kleine, plastic camera, een basisdingetje, zonder al te veel controle over de sluitertijd, zodat ik was overgeleverd aan het toeval. Ik vond hem ergens op die markt, Hackney Wick, en het leek of ie samenviel met de geografische plek. Voor het eerst had ik het gevoel dat ik echt reageerde op een locatie. De plek stuwde me vooruit en het was bijna alsof de foto’s zichzelf maakten. Het was behoorlijk magisch. Het is één van mijn dierbaarste herinneringen.’

 

 

Hackney Wick 22, 2005 © Stephen Gill

Hackney Wick 22, 2005 © Stephen Gill

 

 

Untitled from Hackney Wick, 2005 © Stephen Gill

Untitled from Hackney Wick, 2005 © Stephen Gill

 

 

Hackney Wick © Stephen Gill

Hackney Wick © Stephen Gill

 

 

Hackney Wick © Stephen Gill

Hackney Wick © Stephen Gill

 

 

En ja, dat zie je wanneer je naar de fotoserie kijkt. Het zou wellicht wat overdreven zijn om te beweren dat je het ook vóelt, maar toch: de zachte, fletse kleuren, de onscherpte, de mensen die zich enigszins willekeurig binnen het kader van de foto bevinden, alsof ze tussen het moment van afdrukken en het moment waarop de sluiter dichtklapte nog even snel van plek wisselden, de prachtige natuurbeelden tussendoor – hier gebeurt iets. De plek leeft. Stephen Gill hield zijn nieuwe camera stevig vast, maar tegelijkertijd liet hij iets los. De grip.

Dat had hij nog niet eerder gedaan, alhoewel hij al vanaf zijn tienerjaren, toen hij nog in Bristol woonde, fotografeert. Zijn vader was, ‘en is nog altijd’, geobsedeerd door scheikunde en de technische kant van de fotografie. Op zolder was een donkere kamer, waar ze samen ontwikkelden en afdrukten. Op school kreeg Gill alle ruimte van de leraren, die merkten dat hij zich beter visueel kon uiten dan met woorden, en dat zijn concentratievermogen te wensen overliet. Niet voor niets schreven zijn ouders aan het begin van elk schooljaar een briefje: ‘Stephen mag NIET naast het raam zitten’. En dus mocht hij – o geweldig didactisch inzicht – naar Alfred Hitchcock-films kijken en buiten foto’s maken.

‘Ik heb geluk gehad met die opvoeding’, zegt hij. ‘Ik leerde alles over de fotografische techniek van mijn vader en toen ik dat eenmaal wist … Misschien kan ik het het beste vergelijken met fietsen: zodra je weet hoe je je balans moet houden en de pedalen moet bedienen, vergeet je alles weer – en dan gaat het alleen nog maar om waar je naartoe gaat.’

Naar Londen ging het dus, naar Hackney, waar hij probeerde grip te krijgen op de wijk middels vrij afstandelijke, beschrijvende documentairefotografie. Hij maakte er een typologische reeks van oude vrouwen met boodschappenkarretjes, Trolley Portraits, en eenzelfde soort serie over de achterkanten van billboards: ‘kleine, stedelijke onderwerpen, die ik enorm uitdiepte’. Na tien jaar was dat niet meer genoeg.

 

 

Trolley Portraits, 2001 © Stephen Gill

Trolley Portraits, 2001 © Stephen Gill

 

 

Trolley Portraits, 2001 © Stephen Gill

Trolley Portraits, 2001 © Stephen Gill

 

 

‘Mijn blik op de wijk vernauwde zich, terwijl ik steeds meer de behoefte kreeg om mijn wereld te verbreden. Ik gebruikte de fotografie voor dat waar ze goed in is: het eenvoudigweg beschrijven van hoe iets eruitziet. Maar ik wilde dingen proberen die eigenlijk fotografisch onmogelijk zijn en dan kijken hoever ik kon komen. Ik wilde experimenteren.’ En toen vond hij die kleine plastic camera en begon hij het werk te maken waarmee hij wereldwijd zoveel succes kreeg.

Dit is wat Stephen Gill zoal deed om het gevoel van Hackney, en later ook van andere plekken, te vangen. Hij verzamelde bloemblaadjes, paardenbloempluisjes, zaden en dode vlinders, arrangeerde die op straatbeelden en fotografeerde het geheel nogmaals. Dat werd het bijna psychedelische Hackney Flowers. Hij begroef foto’s (en later het fotoboek) in de moerasgrond, opdat het fotomateriaal het DNA van Hackney zou opzuigen.

 

 

Hackney Flowers © Stephen Gill

Hackney Flowers © Stephen Gill

 

 

Hackney Flowers © Stephen Gill

Hackney Flowers © Stephen Gill

 

 

Hackney Flowers © Stephen Gill

Hackney Flowers © Stephen Gill

 

 

Hij opende het huis van zijn camera (een andere analoge camera dan de kleine van plastic) en stopte er kleine dingetjes in: mieren, blaadjes, stukjes ijzer, touwtjes, en zelfs de gebakken staart van een makreel, waarvan de silhouetten later op de voorgrond van de foto’s zouden zweven, omdat ze zich toen hij afdrukte tegelijkertijd vóór en achter de lens bevonden. Gill ontpopte zich, kortom, tot een van de vrolijkste fotoavonturiers van Engeland.

 

 

Talking to ants 1 © Stephen Gill

Talking to ants 1 © Stephen Gill

 

 

Talking to ants 1 © Stephen Gill

Talking to ants © Stephen Gill

 

 

‘Ik voelde zo’n drang om dat soort dingen te doen’, zegt hij. ‘Ik was wanhopig bezig om de sfeer van de plek te fotograferen, de geluiden, de geuren. Dan is alleen beschrijvende fotografie, de soort fotografie die aanwijst en zegt: “Ik wil dat je dat bekijkt”, niet genoeg. Ik wilde niet slechts documenteren; ik wilde een uittreksel van de plek. Ik wilde Hackney naar binnen zuigen.’

In de recente serie Best Before End ging hij weer een stap verder. Hij stopte zijn negatieven in energiedrankjes, zoals Red Bull, zodat de suiker en de cafeïne de emulsie zacht maakte. Daarna bewerkte hij, als een monnik boven een miniatuur, de afbeelding voorzichtig met een zachte make-upkwast, duwde en drukte, pelde de verschillende laagjes van de film af totdat hij tevreden was. Hij liet de negatieven drogen, legde ze op een vergrotingsapparaat en fotografeerde alles opnieuw. Het resultaat: dromerige, hallucinerende voorstellingen in de meest fantastische kleuren – misschien wel dat wat je ziet wanneer je teveel Red Bull hebt gedronken.

 

 

London Energy Drink, from the series Best Before End © Stephen Gill

London Energy Drink, from the series Best Before End © Stephen Gill

 

 

Best Before End © Stephen Gill

Best Before End © Stephen Gill

 

 

Hij snapt dat sommigen zijn manier van werken als ‘gimmicky’ beschouwen. Zelf ziet hij dat niet zo. ‘Ik ben er natuurlijk voor beducht. Want het is waar dat fotografen tegenwoordig bijna radeloos zoeken naar nieuwe manieren van presentatie. Maar zolang je redeneert vanuit het onderwerp, is het goed. Die energiedrankjes – ik zie ze overal in Hackney en ze zijn zo lelijk. Ik wilde er al langer iets mee doen en dacht ineens: Waarom zou het onderwerp zich altijd vóór de camera moeten bevinden, waarom zou ik het niet kunnen inzetten bij het maken van de foto in plaats van dat het op de afbeelding te zien is? Ik vind het heerlijk om op die manier een foto te bouwen.’

De foto’s van Stephen Gill bestaan uit laagjes, soms letterlijk, altijd figuurlijk. Ze zijn als de verschillende niveaus van een stad, een wijk, de plek waar je woont. De fotograaf stopt tijdens zijn wandelingen alles wat hij voelt, ervaart en vindt in zijn camera. Dan maakt hij er pakketjes van. Al veertien jaar brengt hij die rond.

 

 

Stephen Gill: Best Before End. T/m 14 juli in Foam, Amsterdam.

Gepubliceerd op 17 mei in de Volkskrant.

In 2008 ging Stephen Gill voor het eerst naar Japan. Hij wilde er een serie maken over aquariums. Hij raakte ‘een beetje’ geobsedeerd door het idee van vissen in een glazen tank en begon de wereld buiten de aquariums te zien als was hij zelf een vis. Het boek Coming Up For Air is zodoende het trage, ijle en mijmerende verslag van een reis door Japan, waarin de foto’s het onderwerp slechts schampen. ‘Ik dacht: wat als een foto een levend, ademend ding is – dan zou ik foto’s willen maken waarvan de hartslag nét voelbaar is, die nét genoeg informatie en helderheid geven, maar niet teveel. Pas dan maakt de geest van de plek zich voelbaar. En dat was zo. Vaak levert het meer op, bewust niet duidelijk te zijn.’

 

 

Coming Up For Air, 2010

Coming Up For Air, 2010

 

 

Coming Up For Air, 2010 (foto: fashionartbooks.wordpress.com)

Coming Up For Air, 2010 (foto: fashionartbooks.wordpress.com)

 

 

Coming Up For Air, 2010 (foto: fashionartbooks.wordpress.com)

Coming Up For Air, 2010 (foto: fashionartbooks.wordpress.com)

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s