Tijdens de open dagen van de Amsterdamse Rijksakademie maakte ik kennis met het werk van Nicoline Timmer. Ik schreef over haar installatie in de Volkskrant.
***
Tekst. Beeld. Geluid. Dat zijn de bouwstenen waarmee Nicoline Timmer (38) uiterst geconcentreerd haar indrukwekkende oeuvre componeert. Alles wat ze maakt bestaat uit één van die bouwstenen, of uit alle drie tegelijk.
Dit doet ze. Ze schaaft éénsnarige instrumenten uit stukken hout. Ze weeft geluidsgolven op een weefgetouw. Ze probeert in een weekend een vioolconcert van Bach, dat ze speelde als kind, opnieuw onder de knie te krijgen en laat de fouten die ze maakt noteren. Het uiteindelijke werk dat uit haar performance voortkomt, heet Composition of mistakes (solo concerto), een kartonnen zigzagboek met rechthoekige gaten erin: haar fouten, weergegeven in de binaire muzieknotatie zoals die ook voor orgels wordt gebruikt. Ze maakt klankschalen van keramiek.
Al haar werk begint met een vondst, zoals je in haar boek Once Upon a Particular Occasion kunt zien: een Bauhaus-tapijt, een stuk bladmuziek, een patroon, een geweven Deense mand van 30 duizend voor Christus. Daaruit vloeien ideeën voort, tekeningen, installaties, films, sculpturen, die stuk voor stuk gaan over het vastleggen van vluchtige dingen: muziek, dans, beweging, geluid.
Maar hoe, vroeg Timmer zich af, breng ik dat oeuvre bijeen? Hoe zorg ik voor een onderliggende structuur waarin die verschillende werken hun eigen plek hebben en tegelijkertijd gezamenlijk een overtuigend geheel vormen?
Het antwoord: de opera. Timmer gebruikt het bouwwerk van een opera om haar oeuvre in te bedden, compleet met een koor van pratende plastic paardjes en special effects in de vorm van glazen wolken. Zien is geloven. En daarna kun je alleen maar applaudisseren.
Gepubliceerd op 29 november 2013 in de Volkskrant